Biodiversiteit in onze gemeente Beuningen

U kent dat gevoel vast wel: na een lange grauwe koude periode begint de zon eindelijk weer te schijnen. Het is zo’n moment waarop je vanzelf zin krijgt om eropuit te trekken. Zo ging het mij vanmorgen ook.

De wandelschoenen werden ondergebonden, de sjaal ging om (een cadeau van mijn zoon, uiteraard uitgevoerd in rood, groen en zwart). Klaar voor vertrek.

De tocht begon in de wijk De Hoeve, waar ik als eerste een bezoek bracht aan het kunstwerk van onze bever. Ja, onze bever, want sinds het filmpje dat viraal ging op internet is hij uitgegroeid tot een ware talk of the town — uiteraard direct na onze verse politieke partij VIER Beuningen. Voordat ik het Hoevepark verliet, liep ik nog even langs de plek waar afgelopen week een ijsvogeltje in al zijn glorie te bewonderen was. Alleen dat al maakt een ommetje de moeite waard.

Mijn weg vervolgde zich richting de Beuningse Plas. Waar dit gebied ooit een stevig hoofdpijndossier voor de gemeente was, ontwikkelt het zich nu tot een waardevolle plek voor wandelaars en fietsers van vandaag en waterrecreanten van de toekomst. En niet te vergeten: een paradijs voor onze watervrienden. Bij aankomst werd ik luid schreeuwend verwelkomd door tientallen watervogels. In alle soorten en maten stonden ze me aan te moedigen.

Terwijl ik langs de plas liep, die steeds groter en mooier wordt, mijmerde ik over hoe bijzonder het is dat we binnen onze gemeente nog zulke open ruimten en  natuurgebieden hebben. Even geen verkeer, geen drukte. Gewoon even jezelf zijn, genieten van alles wat groeit, bloeit en leeft. Tijdens de coronatijd waren deze gebieden van onschatbare waarde: wandelen was zo ongeveer het enige wat we buitenshuis nog konden doen. Daarom moeten we deze plekken — zoals de uiterwaarden, de Ewijkse Plaat, het Personnenbos en de Beuningse Plas — koesteren én goed onderhouden.

Het artikel van laatst in de Gelderlander, met de titel “Aantal unieke dier- en plantensoorten in Beuningen hoger dan in vergelijkbare gemeenten”, was dan ook bijzonder goed nieuws.

Via het Lurvinkpad — wie kent hem nog? — vervolgde ik mijn route. Aan de ene kant ligt afvalverwerker ARN, ooit aanleiding voor verhitte discussies, maar inmiddels een vertrouwd aanzicht tussen Weurt en Beuningen. ARN beschikt tegenwoordig over een wandelpad waar onder begeleiding van vrijwilligers van het dijkmagazijn en het vrijwillig landschapsbeheer prachtige wandelingen door het ‘nieuwe’ natuurgebied worden georganiseerd.

Tijdens mijn wandeling over het Lurvinkpad werd ik gevolgd door hoog cirkelende buizerds. Aan de andere kant van de weg begonnen de fruitbomen flink in knop te komen. Het is nog vroeg in het seizoen, maar de zon doet zichtbaar haar werk. Aan het einde van de weg werd ik opgewacht door een stel struisvogels, die ook vandaag de stal hadden ingeruild voor de wei.

Terug richting De Hoeve viel op dat de weilanden alweer zijn omgeploegd, in afwachting van de lente. Ook bij het vrijwillig landschapsbeheer wordt  weer volop en met zichtbaar resultaat gewerkt. Na het oversteken richting De Dromedaris, zijn enkele fraaie ‘potloden’ te bewonderen. Ook daar is de bever debet aan.

Het dier zelf heb ik helaas nog niet gezien.
Maar eerlijk is eerlijk: nu eerst tijd voor koffie.

Een VIER Beuningen stemmer

Scroll naar boven